Een
onderzoek naar de herkomst van de familienaam Winkens
Door
F.J.L. Winkens
WINKENS
De
familienaam Winkens komt voor in verschillende spellingsvormen als variant van
de oervorm en als verbasteringen en vervormingen hiervan.
Winkens,
Winckens, Wijnkens, Wijnckens, Winekens, Wingens, Winikens, Winkes, Wijntgens, Wintgens, Wijndgens,
Windgens, Wintjens, Wientjens, Wijntjens.
De naam
is te herleiden tot een patroniem van de Germaanse Win-namen.
De stam
-Win- komt voor als voorvoegsel alsook als achtervoegsel.
-Win-,
-Wijn-, -Vin- alsook Weni- staat voor VRIEND, KAMERAAD.
In het
gotisch win of vinjis; oud hoog duits wini; middel hoog duits wine; oud
saksisch wini; oud fries wini; oud fries wine; angelsaksisch wine; oud noors
vinr.
Winken,
Wincken etc werden gebruikt als voornamen en door het achtervoegsel -s
verkrijgt
men het patronym zoon van Wincken.
Verder
worden de volgende uitgangen gebezigd; -i(n)k, -i(n)g, -n(s), -z, -sma, -ia,
-enk, -s, -ma, -se(n), -inga, -sema, -ius, -zen. Hierdoor verkrijgt men de
volgende afgeleide familienamen: Vinkin, Weenen, Weenenk, Weening, Weenink,
Weijn, Weijntjes, Weinecke, Weinig, Wenig, Wening, Wenink, Weyne, Weynen,
Wiencke, Wienecke, Wienema, Wieneke, Wienen, Wienese, Wienesen, Wienicke,
Wienig, Wieninck, Wienk, Wienke, Wienken, Wienneke, Wientjes, Wijne, Wijnekus,
Wijnema, Wijnen, Wijninga, Wijnja, Wijnne, Wijnsema, Wijnsma, Wijntjens,
Winecke, Wincqz, Windsma, Winia, Winicho, Wink, Winke, Winkenius, Winkens, Winkes,
Winkin, Winking, Winnik, Winnink, Winquin, Wins, Winsma, Wintgens, Wintjens,
Wintquin, Wintyens, Winzen, Wynen, Wynia, Wyntjens.
Hieruit
blijkt dat bovenstaande familienamen afgeleide zijn van een eenstammige verkorting, resp. een
vleivorm daarvan, van de Germaanse win (=vriend) namen, en niet van het vaak
gebezigde Wijnand wat een patronym is van de tweestammige germaanse naam met de
betekenis "dapper in de strijd"; uit wig- (= strijd) en -(n)and
(=dapper).
Ook kan
men Winand verklaren als een tweestammige germaanse naam met de betekenis "de
vriendelijke dappere"; uit win- (=vriend) en -(n)and (=dapper). De vormen
met t kunnen eventueel ook teruggaan op een Wind-naam.
Ook zijn
er voornamen terug te herleiden met als uitgang -win maar ook -oin en -uin welke laatste twee fonetisch een W bevatten
en niet los zijn te zien van de vorm -in.
Zoals:
Abbewin, Actuin, Adruin, Agiwin, Agilwin, Agmoin, Agruin, Allowin, Alahwin,
Aldwin, Aldevina, Alfwin, Eliwin, Elisedoina, Amalwin, Anoin, Andoin, Ancoin,
Angloin, Ansoin, Aroin, Arnuwin, Erpwin, Arcoin, Armoin, Ascwin, Adwin,
Athaluin, Adalvinia, Audowin, Ostrevin, Azawin, Badvin, Baldavin, Baldoina,
Barnuin, Pazzwin, Berewin, Bernwin, Berahtwin, Bertoina, Branduin, Butwin,
Celsuin, Cadoenus, Christuin, Custuin, Dagewin, Daroin, Terbwin, Dawin, Dirodoin,
Disoenus, Dodoin, Trebwin, Drudwin, Dructuin, Eburwin, Ernwin, Erliwin, Faruin,
Farnoin, Fastwin, Ferahwin, Floroin, Framoin, Framnoin, Friowin, Friduvin,
Friduwina, Frodovin, Fruduina, Folcwin, Fuldoin, Gebawin, Gildewin, Garuin,
Garduin, Gaudoin, Gaurivin, Gaviovin, Gydoin, Gisoin, Gisoina, Giselwin,
Giseloina, Goduin, Cuotwina, Godaluin, Graoine, Grimuin, Grimoena, Gomowin,
Gundowin, Gundoina, Habuini, Hawin, Aitoin, Hailwin, Haimoin, Helidwin,
Hantwin, Hanewin, Hardwin, Chariwin, Ervina, Hadawin, Helmowin, Hewin, Hidoin,
Hildiwin, Helpuin, Helzuvin, Hlotwin, Floduin, Hortuin, Horswine, Horscwin,
Rannoin, Hrinquin, Hrodowin, Romoin, Huuduin, Ibuin, Iduvin, Inguin, Ermuin,
Irminwin, Isovin, Jeroin, Jolduin, Jordoin, Joduin, Laiboin, Laidoin, Landuin, Liubwin,
Leobuvina, Liutwin, Magwin, Mahtwin, Maldavin, Mennewin, Mantuvin, Maruin,
Marcwin, Martoin, Maderwin, Mathalwin, Motwin, Murtuuin, Nanduin, Nawin,
Nefawin, Nodeluin, Nordiwin, Ortwin, Odalvin, Pascoin, Radowin, Radivina,
Racoin, Raganwin, Rahawin, Raitwin, Raivin, Randuin, Restwin, Richowin, Rimoin,
Ripwin, Samuin, Saruin, Scerphuin, Sewin, Sigiwin, Sicluin, Sindoin, Tetwin,
Tanquin, Ticwin, Dinguvin, Teuduin, Drahwin, Tresuin, Dultwin, Undoin,
Uneluuin, Uothwin, Walduin, Widuin, Guiguin, Vincuin, Wolcwin, Wortwin,
Wolfwin.
De
oudste vermeldingen van de familienaam:
Wienecke.
1402 Wedekind Wynneken, B. zu Hannover: BH. 70, u.a. B5, H3.
Wintgen,
nordwestd. Koseform zu einer mit wind anlautenden VN. 1550 Gerard Wyntgens,
Diener des kanonikus Gerard Berendonck zu Xanten : stimm. aus M. = Laach
XXIII,74
Etymologisches
Worterbuch der Deutschen Familiennamen 1847, blz. 817, blz.
1280
Winken van Wegsete, Thyloy Winkens bruder.
Het
oudste goederen register van Oudenbiezen (1280-1344), werken KCTD 11, Tongeren,
1965, blz. 137.
1300 Jan
Winkin.
Terv.
Berden, blz. 287.
1376
Koop Wijnkens
1376 De
heren van Kuinre tegen Hamburg
W. Nagge, Historie van Overijssel (handschrift 1678). In druk: Eerste deel, Zwolle 1851, 169-170 (Met dank aan Gerrit van Hezel)
14de
eeuw Winand dit Winekin de Wayne; Winkin fil de Renewar.
Etude sur le noms de famille du pays de Liege, Luik,
1880, blz. 204.
1486 februari 19 (des Sonnendages nae Sunte Valentijns
daeghe)
Schepenen
van Oeffelt oorkonden dat Gerrit Jan Gerritsz. en zijn vrouw Mette / en Klaas Winkens en zijn vrouw Stien,
overgedragen hebbben aan broeder Johan van Zellar, voor klooster van Sint
Agatha; Schepenakte van 3 november 1458, waardoor dir transfix gestoken is,
over een kamp land aan de Donk. (zie regstnr. 436) Bron: BHIC; klooster
kruisheren Sint Agatha in Grave 1315-1887, (inventarisnr. 919)
1572
Lenart Wijntgens.
Bouwstoffen
tot de historische taalgeografie van het Nederlands, Hertogdom Brabant,
Helmond, 1952, blz. 422.
Elizabeth
Moeitz, ged. Roermond 23 juli 1609, overl. Lottum 21 jan 1662; trouwt te Thorn
29 okt. 1636 Leonardus Vinckens of Wynckens.
Limburgse
Leeuw, 1961, blz. 21.
Het
geslacht Wijntgens; muntmeesterfamilie; Balthazar Wijnckens (1555-1589) ook
vermeld als: Wijntgens, Wintgens, Wynken, Wyntgens, Wijntjes, Wijntghens,
Wijntgis,Wijntijns, Wijnekens.
De
navorscher 5. 1855, blz. 6,7,8.
Leengoed
de Molencoten omtrent 't Huis Schinnen.
1514 Na
doot Jan Debets is gecomen Dijrck Debets offt Pijls voors.
Nu
Lemmen Pijls van Wolffhagen.
Nu
Thijsken Wijnckens soon van Puth.
1590 7
Februari Claesken op den Pesch
Het
Korfsgoed omtrent Schinnen.
Merten
Korffs.
Daernae
is Wincken Korffs.
1475 na
Winckens doot Peter Korffs.
Hegems-hof
te Puth-Schinnen
Pauwels
Notemans sijn soon gelijck voors. heeft dit ontfangen aen Jannes Tijen als
Stadthelder.
Modo
Dijrck Winckens van Putt.
1581 24
Februari Jan Henr. Meex soon.
Uit een
register van 1544 tot 1646 van de overdrachten en verheffingen van Laatgoederen
onder de gemeente Schinnen:
Wyncken
an ghien Heidt is laet van IIII buynre ende 1 zil soe huys ende hoeff unde lant
gelegen tusschen Puth boemgairt unde den hoeff ter Borch unde die Gelene unde
gilt jaers II Cap. unde III deniers.
Bijdrage
tot de geschiedenis van de Voormalige heerlijkheid Schinnen, 1928, blz. 216,
229, 248.
Literatuurlijst.
Limburgse
Leeuw, 1961.
Altdeutsches
namenbuch, Dr. Ernst Forstemann, 1856.
Het
namenboek, A.N.W. van der Plank, 1979.
De
Navorscher, jaargang 5, 1855.
Bijdrage
tot de geschiedenis van de Voormalige heerlijkheid Schinnen, H. Pijls, 1928.
Woordenboek
van de familienamen in Belgie en noord Frankrijk, Frans Debrabandere.
Onze
voornamen, J.A. Meijers J.C. Luitingh, 1949.
Familienamen
in Limburg, Jos Crott Jo Hoen, 1995.
Etymologisches
Worterbuch der Deutschen Familiennamen, professor Josef Karlmann Brechenmacher,
1847.